Dagelijks archief: 17 juni 2009

Mijn bizarre leven als roze Duitser (boekrecensie)

rolfIn zijn zopas verschenen autobiografie ‘Mijn bizarre leven als roze Duitser‘ vertelt Rolf A. Döhrn hoe hij in 1934 als zevenjarig jongetje met zijn moeder verhuisde naar Nederland. Zijn positie als Duitser wordt steeds moeilijker, zeker als de Tweede Wereldoorlog eenmaal is begonnen. Omdat zijn stiefvader Joods is en hij als zestienjarige Reichsdeutscher wordt opgeroepen voor de Hitler Jugend, wordt zijn leven verscheurd, maar maakt hij wel dankbaar gebruik van zijn H.J.-uniform om Joden te helpen onderduiken – tot op het moment dat hijzelf moet onderduiken om aan het Duitse front te ontsnappen.

Zijn stiefvader wordt verraden en komt in een concentratiekamp om het leven. Als de oorlog voorbij is, gaat voor hem de strijd gewoon door: hij blijft de gehate mof in een Duits-vijandig Nederland. Bovendien is hij ook homoseksueel. Dubbele discriminatie is het gevolg. Toch blijft Rolf met zijn moeder in Nederland wonen en begint een carrière als architect.

Hij vertelt openhartig en uitvoerig over zijn gevoelens voor Nederlanders en verhaalt vrijuit over zijn relaties met mannen en jongens en over zijn strijd om het bestaan. Zijn ontmoetingen en relaties met beroemde mannen uit de Nederlandse kunstwereld staan centraal in de laatste periode van zijn leven tot op het moment waarop hij moegestreden lijkt. Deze autobiografie werpt een ander licht op de Nederlandse geschiedenis en zet discriminatie in de ruimste zin van het woord in een ander perspectief. Een verhelderend tijdsbeeld van driekwart eeuw samenleving.

De auteur Rolf A. Döhrn kwam als zevenjarig jongetje in 1934 naar Nederland samen met zijn moeder, omdat deze laatste een goede (Joodse) man in Nederland had gevonden. In Duitsland was zijn leven al niet gemakkelijk geweest, maar in Nederland werd het nog moeilijker, vooral door de toenemend anti-Duitse houding zo vlak voor en tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Na de oorlog die voor hem als Reichsdeutscher heel moeilijk was en waarin hij zijn stiefvader verloor, blijft hij als homoseksuele Duitser in Nederland wonen en begint een carrière als architect – hetgeen ook niet gemakkelijk was, juist als homoseksuele Duitser. Op dit moment is Rolf opgenomen in een verzorgingstehuis. Hij heeft geen familie meer – althans geen familie waar hij mee omgaat. Zijn laatste vriend waar hij zesentwintig jaar mee samen was is enkele jaren geleden overleden. Het boek kan je hier en hier verkrijgen.

Lees ook deze boekbesprekingen op Verzet.org (eigen verzameling):
homo22

Moeten wij verdraagzaam zijn voor hen die ons niet verdragen?

Karl Popper in De open samenleving en haar vijanden:
‘Zelfs als mensen de beste bedoelingen hebben om de hemel op aarde te bewerkstelligen, leidt dat er alleen toe dat zij een hel veroorzaken een hel van mensen voor mensen.”

In het tweedelige werk The open Society and Its Enemies, dat hij in 1943 voltooide en in 1945 uitkwam, ging de wetenschapsfilosoof Karl Popper (1902-1994) uitgebreid in op het probleem van de tolerantie. In een ‘vrije’ samenleving vormt die immers een van de premissen. Maar Popper legt daarbij ook de nadruk op de paradox van de verdraagzaamheid:

‘Indien we onbeperkte verdraagzaamheid zelfs uitstrekken tot diegenen die onverdraagzaam zijn, als we niet bereid zijn een verdraagzame samenleving te verdedigen tegen de woedende aanvallen der onverdraagzamen, dan zullen de verdraagzamen vernietigd worden, en verdraagzaamheid met hen.’

De filosoof Karl Popper werd geboren in Wenen, Oostenrijk. Na het einde van de Eerste Wereldoorlog beschouwde Karl Popper zichzelf enkele maanden lang als communist. Een schietincident op 15 juni 1919, toen de politie het vuur opende op een menigte demonstranten, en daarbij twaalf arbeiders doodde en tachtig andere verwondde, maakte echter dat hij zich er voorgoed van afwendde, om vervolgens zijn leven lang een intellectuele strijd te voeren tegen communisme, nazisme en andere vormen van totalitair denken.

In 1937 ontvluchtte Popper en zijn vrouw hun geboorteland dat in de ban van het nationaal-socialisme was geraakt en trok naar Nieuw-Zeeland. Popper wist waarover hij schreef in 1943 (66 jaar geleden!) en het loont beslist de moeite om uit dit boek ook deze paragraaf in extenso te citeren:

‘Met deze formulering bedoel ik niet, bijvoorbeeld dat wij de uitspraken van onverdraagzame levenshoudingen altijd zouden moeten onderdrukken; zolang we ze kunnen tegengaan met rationele argumenten en ze ten aanzien van de bevolking onder controle kunnen houden, zou deze onderdrukking erg onverstandig zijn.

Maar we zouden het recht moeten opeisen om ze, indien nodig, zelfs met geweld te onderdrukken; want het kan gemakkelijk erop uitdraaien dat zij niet bereid zijn ons op het niveau van de redelijke argumentatie tegemoet te komen, maar integendeel beginnen met iedere argumentatie af te wijzen; zij kunnen hun volgelingen verbieden naar redelijke argumenten te luisteren, omdat ze zogezegd bedrieglijk zijn, en hen leren deze argumenten te beantwoorden door het gebruik van hun vuisten of wapens.

Daarom zouden we, in naam van de verdraagzaamheid, het recht moeten opeisen de overdraagzamen niet te tolereren. We zouden moeten vooropstellen dat iedere beweging die onverdraagzaamheid predikt, zichzelf buiten de wet plaatst, en we zouden de aansporing tot onverdraagzaamheid en vervolging als misdadig moeten beschouwen, net zoals we de aansporing tot moord, of ontvoering, of tot de terugkeer naar de slavenhandel, als misdadig zouden moeten beschouwen.’

De publicatie van The Open Society and Its Enemies in 1945 maakte Popper op slag beroemd. Het boek werd gelezen als een liberale kritiek op het totalitarisme, dat in Nazi-Duitsland en de Sovjet-Unie onder Stalin belichaamd zou zijn.

Popper had nochtans Oostenrijk in gedachten. Hij weet het falen van het socialisme in Oostenrijk aan het revolutionaire dogmatisme van de marxisten, en benadrukte dat een alliantie van liberalen en sociaal-democraten de beste verdediging vormde tegen de opkomst van een extreem-rechtse gesloten samenleving. In 2007 werd het voor het eerst in de Nederlandse taal uitgegeven onder de titel: De open samenleving en haar vijanden

Het geloof als een uiting van angst

dirk1Het ‘zuivere’ geloof zorgt er ook voor dat westerse intellectuelen die de fundamentele grondrechten willen verdedigen en zich keren tegen de uitwassen van het radicale islamisme vandaag zelf bedreigd worden op basis van het principe van de vrijheid van godsdienst. De hernieuwde godsdienstwaanzin gaat zo ver dat sommige critici zich niet langer durven te uiten, zoals Paul Cliteur, de vroegere columnist van het televisieprogramma Het Buitenhof. In een interview met mij stelde hij dat de discussie over de multiculturele samenleving en de islam in het publieke domein zulke heftige reacties op riep dat hij dat enigszins beangstigend vond.

Hij zei daarover het volgende. ‘Op een gegeven ogenblik voelde ik me echt onprettig. Het leek wel een haatcampagne. In mijn geval kwam die kritiek trouwens niet vanuit de moslimwereld maar vanuit de politiek correcte autochtone gemeenschap. Medecolumnisten begonnen heel nare vergelijkingen te maken met Hitler en zo. Als je in de beeldvorming wordt neergezet dan weten we dat er mensen als Volkert van der Graaf (de moordenaar van Pim Fortuyn, nvdv) rondlopen die in staat zijn om toe te slaan. Op een bepaald ogenblik stelde ik mezelf de vraag of het dit allemaal wel waard was. Of zwijgen dan nog de enige optie is? Ik heb natuurlijk niet over alles gezwegen, maar onderwerpen als de islam en de multiculturele samenleving mijd ik nu liever. Dat heb ik ook publiekelijk aangekondigd.’

Religie is tirannie "La Nature n‘a fait ni serviteurs ni maîtres, je ne veux donner ni recevoir d‘ordres"

Religie is tirannie: 'La Nature n‘a fait ni serviteurs ni maîtres, je ne veux donner ni recevoir d‘ordres' "Ni dieu ni maître!"- Auguste Blanqui in 1880

Dat is erg voor de democratie, maar in het bijzonder voor de moslimvrouwen die nu meer dan ooit behoefte hebben aan openlijke steun. Net de onderwerping aan ‘heilige’ teksten duwt vrouwen – in alle geopenbaarde godsdiensten – in een ondergeschikte, minderwaardige positie tegenover mannen en zorgt voor veel leed en ellende. Alleen het loskoppelen van het persoonlijk geweten van aannames van een absolute waarheid en collectieve planning biedt een uitweg naar een hogere moraal. De individualisering van de zingeving binnen een universele seculiere ethiek is de enige mogelijkheid om te komen tot de acceptatie van de onaantastbaarheid van de menselijke integriteit, van het recht op leven en van de vrijheid van elk individu ongeacht zijn afkomst, geslacht, leeftijd, cultuur of religie.

Deze burka zendt een zelf gekozen afbeelding van een vrouw uit die via Bluetooth wordt doorgestraald naar een gsmtoestel in de buurt. Het is een concept van Markus Kison, en het lijkt erop alsof er met deze gadget geen wetten van de Koran worden gebroken

Pas als overheden, kerken en geloofsgemeenschappen het individu als zingever van zijn eigen bestaan aanvaarden, is ware beschaving mogelijk. Een van de eersten die dit inzag was de renaissancefilosoof Pico delle Mirandola. In zijn boek Over de waardigheid van de mens formuleerde hij de gedachte van ‘de mens als zijn eigen schepper.’ De mens heeft zijn lot in eigen handen. Hij kan ontaarden in het dierlijke, maar zich ook opheffen tot het goddelijke. ‘Als een soeverein kunstenaar kan de mens zichzelf modelleren in de vorm die hij kiest,’ schreef Mirandola. Hij werd voor deze denkbeelden in 1486 veroordeeld door de paus.

‘Voor een godsdienst sterven, is gemakkelijker dan ernaar te leven;’ Deze uitspraak van Jorge Louis Borges werd in de loop van de geschiedenis meer dan eens bewaarheid. Denk aan de kruistochten, de beruchte Bartholomeüsnacht en de Tachtigjarige Oorlog waarbij talloze mensen in onze contreien en in het toenmalige Heilige Roomse Rijk werden uitgemoord in de strijd tussen protestanten en katholieken. Met de Vrede van Westfalen kwam er een voorlopig einde aan de godsdienstoorlogen. Pas na de Franse Revolutie werden in Nederland en later in België grondwetten opgesteld waarin de vrijheid van godsdienst fundamenteel werd verzekerd. Vanaf 1815 in Nederland en 1830 in België heeft iedere persoon het recht zijn godsdienst of levensovertuiging, individueel of in gemeenschap met anderen, vrij te belijden, behoudens ieders verantwoordelijkheid volgens de wet.

religie1Toch blijven er ook vandaag in onze contreien godsdienstproblemen bestaan. Zo garanderen onze westerse grondwetten wel de vrijheid van godsdienst maar tegelijk belemmeren tal van mensen ongestraft de godsdienstvrijheid van anderen. Dat is vooral het geval met moslims en moslima’s die niet openlijk mogen breken met de islam. Mensen mogen omwille van die opgedrongen godsdienst niet zomaar overstappen naar een andere godsdienst of zonder geloof verder leven. Ze worden gedwongen om zich te conformeren en te leven volgens de religieuze gebruiken en tradities die hen door anderen – imams, ouders, de geloofsgemeenschap – worden opgelegd. Hun geloof is meestal geen toonbeeld van devotie maar een uiting van diepe angst.

In zijn boek Vrijheid van godsdienst beschrijft de journalist Michiel Hegener dat ondanks de grondwettelijke bescherming van de vrijheid van meningsuiting tal van mensen in Nederland, vooral moslims, worden gedwongen om bij hun geloof te blijven en daartoe fysiek bedreigd worden. Geloofsafval is voor christenen en boeddhisten in de praktijk geen groot probleem, wel voor moslims. ‘De islam is de enige religie ter wereld die een formeel verbod kent op afvalligheid,’ aldus de auteur. Dit klopt niet helemaal. Ook in de Bijbel wordt met doodslag gedreigd in geval van uittreding, denk aan Deuteronomium 13:6-10 en 17:3-5. Maar terwijl dit binnen het christendom een achterhaald idee is, blijft die dreiging binnen de moslimwereld akelig actueel. Vandaag gelden fysieke bedreigingen hoofdzakelijk voor moslims die hun geloof willen verlaten. Daar moeten we als kinderen van de Verlichting tegenin gaan. Elke mens heeft het recht om te geloven, van geloof te veranderen of niet (meer) te geloven. Wie dat door fysieke of geestelijke druk belemmert moet door de overheid bestraft worden.

De burka tijdens het Taliban regime

Vrouwenvernedering op haar hoogtepunt in Afghanistan: de burka tijdens het Taliban regime (2001-2006)


Bron: artikel van Dirk Verhofstadt op Liberales van 23 februari 2007

Voor een bestand moet je met twee zijn…

Voor een bestand moet je met twee zijn

Voor een bestand moet je met twee zijn

Met een geit op stap in de tunnels van Gaza

geit

Jawad Tawfiq, een 52-jarige acteur en directeur: “De tunnels zijn het slechtste wat Gaza ooit kon overkomen. Het heeft alles vergiftigd. Het heeft Gaza veranderd in een gevangeniseconomie. En voor wat? Voor chocolade en fietsen.” En geiten, en wapens enz….

De smokkeltunnels tussen Gaza en Egypte breiden nog steeds uit. De sluiting ervan wordt door zowel de VN als door Israël geëist als belangrijkste voorwaarde om tot een duurzaam bestand te komen. Dit gigantische netwerk van tunnels vormt de belangrijkste aanvoerlijn van wapens en munitie voor Hamas en andere Palestijnse terreurgroepen. Zonder tunnels houdt Hamas de facto op met te bestaan. Via de tunnels worden naast raketonderdelen ook electronische apparatuur en allerhande namaakprodukten naar binnen- en buiten gesmokkeld. Daarnaast worden tevens drugs, medicijnen, voedselhulp, sigaretten, viagrapillen[!], alcohol en talloze andere produkten aangevoerd, die verdwijnen op de locale zwarte markt in Rafah en Gazacity. Een belangrijke ‘zwarte’ nevenindustrie op zich waarmee enorm veel geld wordt verdiend door locale maffiosi aan beide zijden van de Philadelphiagrens ten zuiden van de Gazastrook.

Bron: The Guardian: Tunnel fraud leaves Gazans on verge of financial ruin van 7 juni 2009; op Verzet Blogspot: Palestijn sterft in smokkeltunnel tussen Egypte en Gaza van 25 april 2009;