
Een Egyptische man koopt een souvenir waarop staat te lezen: 'Obama de nieuwe Toetankamon van de wereld'
Barack Obama‘s toespraak in Caïro (zie hier videobeelden) is een van de meest bizarre redevoeringen die ooit werden gehouden door een Amerikaanse president. Geen toelichting over het buitenlands beleid, maar veeleer iets dat door Obama zélf was uitgevonden en dat meer weg had van een internationale campagne toespraak, alsof zijn belangrijkste doel was het ronselen van stemmen voor de volgende Egyptische parlementsverkiezingen. Die benadering omschreef de fundamentele thema’s van Obama als volgt: de Islam is geweldig. Amerika is goed. Het spijt ons. Wees gematigd (niet dat je dat voorheen ook niet altijd was). Laten we vrienden zijn.
Hier volgde Obama het gezegde dat, wanneer je wilt dat iemand je graag ziet, tracht het dan in bijna alles eens te zijn met wat hij zegt. Obama heeft ook, zij het dan op enkele kleine verschillen na, de toespraak gedaan die evengoed door een leider van een moslimland in de Derde Wereld had kunnen worden gegeven, door op voorhand en haast verontschuldigend te beweren, dat Amerika tenslotte toch ook een groot islamitisch land is.
Uiteraard heeft zijn toespraak een geweldig – zij het slechts tijdelijk – effect, gecombineerd met haar contraproductief strategisch impact. Het zal zijn populariteit nog doen toenemen. Het zal Amerika wat minder populair maken. Maar het effect ervan op het Midden-Oosten en de Amerikaanse belangen is een totaal andere zaak.
Het eerste probleem is dat Obama veel dingen zegt die feitelijk volkomen onjuist zijn en zelfs belachelijk klinken. Hele bladzijden zouden nodig zijn om al deze onjuistheden te weerleggen. [Obama verklaarde eerder dat "if you actually took the number of Muslims Americans, we'd be one of the largest Muslim countries in the world", maar dat is pertinent onjuist. In de VS wonen naar schatting tussen 1,8 en 3 miljoen moslims op een totaal van 310 miljoen Amerikanen, in feite nauwelijks 0,6 procent van de bevolking, waarmee het niet eens in de top-50 van de islamitische landen raakt; brabosh] Een interessante vraag is of Obama nu bewust gelogen heeft dan wel of hij het allemaal werkelijk meende. Ik verkies dat hij heeft gelogen want als hij inderdaad zo onwetend is, dan zit Amerika en de wereld in zeer diepe problemen.
Als hij werkelijk meent dat de sociale rol van de islam zo perfect is, radicale islamieten slechts een kleine minderheid vormen, de Palestijnen enorm hebben geleden buiten hun schuld, enzovoort, dan leeft hij in een fantasie wereld. Helaas doen wij dat niet. De botsing tussen droom en werkelijkheid zal verschrikkelijk zijn.

President Barack Obama bezoekt de Sultan Hassan Moskee in Caïro, Egypte, 4 juni 2009 (foto: Larry Downing/Reuters)
Het tweede probleem is dat de toespraak onnodig extreem eenzijdig was. Obama stelde het Westen voor als de schuldige partij. Ondanks een korte verwijzing naar de aanslag van 11 september – die hij zelfs wist te presenteren als een Amerikaanse wandaad gevolgd door een onterechte afkeer voor de islam: gaf hij geen enkel voorbeeld van islamitische of moslim verantwoordelijkheid van gelijk wat er ook maar ooit is misgelopen in de wereld.
Obama kon gemakkelijk dezelfde standpunten op een meer evenwichtige manier hebben voorgesteld: Jij hebt ons dingen aangedaan, wij hebben jullie dingen aangedaan. En na dat te hebben vastgesteld, zeg ik je dat ik je respecteer en laat me nu je vertellen wat de Amerikanen voelen en wat er moet gedaan worden.
Maar dat is helemaal niet hoe hij verkoos het te doen. Zo bang was Obama om te kwetsen – en dus niet het ten allen prijze maximaliseren van zijn populariteit met deze missie – maakte hij het politieke equivalent van het scoren in eigen doel. President Bill Clinton zei: “Ik voel uw pijn.” Obama verklaarde in feite: “Wij zijn uw pijn.”
Dus als moslims altijd de onschuldige slachtoffers zijn, is het dan niet juist wat Osama bin Laden en anderen zeggen dat al het geweld en het terrorisme tot op heden slechts een “defensieve Jihad” is tegen externe agressie en dat die gerechtvaardigd is? Waarom zou er dan iets moeten veranderen omdat Obama zegt dat hij dit heeft “toegelaten” en nu vraagt om opnieuw met een propere lei te beginnen?
Toen hij voorbeelden van onderdrukking aanhaalde, vermeldde Obama enkel Bosnië (waar hij het niet eens had over de Amerikaanse rol in het helpen van moslims), samen met Israël, en ook het moslimgeweld tegen moslims in Darfoer. Hij maakte geen melding van het terroristische geweld en mishandelingen van niet-moslims door moslims in Indonesië, Thailand, de Filippijnen, Pakistan, India, Irak, Soedan, de Gazastrook, tegen Israël, Europa en al evenmin in Egypte zélf.
Dit is het waarmerk van het soort denken dat het hedendaagse westerse denken erg domineert, uitgebreid met iets dat alleen werkt in hun eigen samenlevingen – waar zelfkritiek, verontschuldiging en eenzijdige concessies, werkelijk kunnen overgaan in vergevingsgezindheid en compromittering – en dat net op die plaatsen waar het niét werkt.
Wanneer je in het Midden-Oosten zegt dat je schuldig bent, betekent dat voor de andere zijde dat hun zaak de juiste is en dat zij recht hebben op alles wat ze willen. Wanneer je je verontschuldigingen aanbiedt, wordt dat gezien als een teken van zwakheid. Zeker, sommige relatief verwesterde stedelijke liberalen zullen Obama op de juiste manier hebben begrepen, maar ik betwijfel of radicale staten en politieke machten, alsmede de massa’s, dat ook zullen doen.
Het belangrijkste ingrediënt in de toespraak van Obama was vleierij. Er is een bumper sticker die zegt: Geen excuses. Uw vrienden hoeven het niet te horen en uw vijanden kan het niks schelen.
Obama’s situatie kan worden omschreven als: niet door het stof kruipen. Je vrienden zouden zich een bult schrikken en het overtuigt je vijanden ervan dat je ze nog heel wat schuldig bent.
Als gevolg daarvan krijgt zullen ze in het algemeen in de regio zeggen: “Zie je wel. We hadden de hele tijd gelijk. Obama heeft het zelf toegegeven!” Terwijl de extremistische radicalen zullen zeggen: “We hebben gewonnen! Amerika capituleert!”
Maar als het er voor Obama op aan komt, en daar heeft het toch de schijn van weg, om de populairste politieker in die regio te worden – en niet te vergeten bij de Amerikaanse bondgenoten – zal hij nog veel meer zaken moeten opgeven als hij die twijfelachtige eer wil verdienen.
Ten derde: Obama ondermijnt de bestaande staten. Het is waar en dat pleit voor Obama, dat hij heeft gesproken over hervormingen, democratie en gelijke rechten voor vrouwen. Maar in zijn toespraak suggereert hij dat de Islam een opwaardering voor de democratie betekent. Als de Islam zo perfect is en zoveel heeft bijgedragen aan de wereld – uitgezonderd dan een kleine minderheid van extremisten – waarom zou die dan niet regeren? Sinds algemeen wordt aangenomen dat de extremisten zich bij al-Qaeda bevinden, zullen de Egyptische parlementariërs van de Moslim Broederschap die zich tussen het publiek bevonden, heel wat gehoord hebben om voor te applaudiseren.
Hoe zal dit verder overkomen bij de machthebbers die Obama wil als bondgenoten?
Ten slotte speelde Obama in op het stereotiepe beeld dat Israël de centrale politieke kwestie is in de regio. Anderen zijn natuurlijk blij met het opvoeren van de gedoodverfde zondebok. Een krantenkop van Associated Press leest: “Het succes van Obama hangt af van Israël.” Het lijkt wel alsof de hele moslimwereld gewoon staat te wachten tot Israël zal stoppen met het bouwen van jaarlijks enkele duizenden appartementen, alvorens ze kan beslissen dat Amerika groot is, dat hervormingen nodig zijn en dat gematigdheid verstandig is.

Obama spreekt tot de moslimwereld...
Obama’s uitspraken waren zorgvuldig opgesteld. Hij riep de Palestijnen op om te stoppen met geweld, uitte zijn waardering voor hun competentie op het gebied van besturen, dat ze de twee-staten-oplossing moeten accepteren en in vrede moeten leven naast Israël. Hamas werd opgeroepen zich te matigen. Toch leek hij in geen enkel opzicht de Palestijnen warm te maken in een spoedig vooruitzicht van een eigen staat. Zijn administratie zou misschien wel op deze wijze kunnen denken, maar hij maakte dat niet duidelijk.
Midden-Oosten experts zullen dit aspect niet opmerken – wat één van de oorzaken was waarom zij de toespraak bejubelden – precies op de manier zoals de beleidsmakers in Washington het hadden bedoeld. Aangezien de Verenigde Staten bij hen nu meer geloofwaardigheid krijgen, is dat omdat ze hopen dat dit Israël zal dwingen om toe te geven zonder dat ze daar zelf veel voor moeten doen. Wanneer dit niet zal gebeuren, zal de woede toenemen, versterkt door het feit dat de president ‘gezegd’ heeft dat de Palestijnen in hun recht zijn en meteen hun eigen staat zouden krijgen.
Alles wat de specifieke behoeften en verlangens van Israël aanbelangt, zoals een einde te maken aan haatcampagne, veiligheid voor Israël, het terrorisme stoppen en de hervestiging van vluchtelingen in Palestina, kwamen helemaal niet ter sprake. Hoewel Israël uitdrukkelijk werd gezegd dat het eerdere afspraken over de bouw van nederzettingen kwestie had geschonden -een bewering die helemaal geen steek houdt – is er geen enkele aanwijzing dat de Palestijnen hier ook maar iets aan hadden gedaan.
Ik kan het beeld maar niet van me afzetten van het imago van Obama als dat van die nieuwe jongen op school, net verhuisd naar de wijk, bevreesd voor pestkoppen en die om zich bemind te maken zelfs bereid is om het geld bestemd voor zijn middagmaal weg te geven.
In [de film] ‘Citizen Kane’ komt een beroemde zin voor wanneer een van de karakters zegt dat het heel gemakkelijk is om veel geld te verdienen… als het enige wat je wilt is om veel geld verdienen. Het is ook erg gemakkelijk populair te worden, als dat je enige streefdoel is.
Een Amerikaanse president moet meer doen, heel veel meer.
Bronnen: The Rubin Report: Speaking flattery to power door Barry Rubin van 5 juni 2009, vrij vertaald en bewerkt door Brabosh; The Guardian: Barack Obama’s Cairo speech: Live van 4 juni 2009; De Standaard: Applaus voor een historische speech door Evita Neefs van 5 juni 2009; Ynet News: PA source: Obama to put pressure on Israel van 5 juni 2009



