Maandelijks archief: januari 2009

Het ware verhaal van de ‘hamburger’, een smakelijke uitvinding van Joodse vluchtelingen op weg naar Amerika

Een weinig gekend verhaal is dat van de oorsprong van de hamburger, zowat de populairste snack in de VS, Europa en de rest van de wereld, oorspronkelijk overgewaaid vanuit de Verenigde Staten van Amerika. Geen gemeente of stad in de wereld of die heeft wel een hamburgertent, voor het merendeel eigendom van de Amerikaanse voedselgigant McDonalds.

Het ware verhaal van de ‘hamburger’ begint ergens nadat halverwege de 19de eeuw er een grote migratiegolf op gang kwam van vele duizenden vluchtelingen vanuit het oosten naar het westen. Tussen 1841 en 1848 vertrokken er alleen al uit de haven van Bremen ruim 115.000 passagiers en slechts 11.000 vanuit de haven van Hamburg. Aangetrokken door wilde avonturenverhalen van reizigers over de welvaart in Amerika en de goldrusch in Californië waagden tienduizenden Russen, Polen, Litouwers, Tsjechen, Hongaren, Duitsers en Oostenrijkers voor het overgrote deel jiddisch-sprekende Joden, de grote tocht over de Atlantische Oceaan.

hamburg1Wanneer in 1881 de Russische Tsaar wordt vermoord krijgen de Russische Joden de schuld van de moord op de Tsaar in de schoenen geschoven. Niks ongewoon: de Joden krijgen al tweeduizend jaar lang de schuld van alles wat er maar mis kan gaan in de wereld. De ene pogrom op de Joden volgt na de andere. Honderdduizenden Joden, gedwongen tot werkloosheid en armoede en voortdurend bedreigd door gevaar, trachten te ontsnappen via het noorden van Duitsland. De haven van Hamburg leek voor de Jood Albert Ballin, wiens vader nog tweedehands kledij had verkocht op de markten van Hamburg, het ogenblik gekozen om samen met Edwin Carr vrachtschepen om te bouwen om passagiers te vervoeren. De Hamburg-Amerika Lijn was geboren.

Op 7 juni 1881 vertrok het eerste schip vanuit Hamburg met ruim 800 passagiers aan boord, voornamelijk Russische en Poolse jiddisch-sprekende Joodse vluchtelingen. De volgende twee jaren slaagde hij erin om 16.500 passagiers over de grote plas te varen. In ruil brachten de schepen kunstmest, katoen en industrieproducten mee terug vanuit de Amerikaanse Far West. Het bedrijf breidde uit en fusioneerde o.m. met die andere Hamburgse vrachtrederij HAPAG. Tienduizenden Joodse vluchtelingen en hun afstammelingen danken thans hun leven aan deze lucratieve business van Albert Ballin en zijn compagnons.

Hoewel de Jiddische wereld in Oost-Europa voor en vooral tijdens de Tweede Wereldoorlog haast volledig meedogenloos werd uitgeroeid en de Amerikaanse loot gedoemd was tot assimilatie, geheugenverlies en mythevorming door jongere generaties, is toch een deel van de Jiddische beschaving niet verloren gegaan maar opgegaan in de voedingsbodem van de Amerikaanse droom. Wat nu precies de door de Jiddische cultuur gemspireerde aspecten zijn, zal echter zonder enige twijfel nog lang discussie geven. Het meest aansprekende voorbeeld is dat van de populaire snack: de Amerikaanse hamburger.

babetteAlbert Ballin, de scheepsmagnaat, vond dat hij met het vervoer van arme Joden over de oceaan voldoende aan zijn plicht voldeed. De emigranten moesten zelf maar zorgen voor hun proviand gedurende de tien- tot veertiendaagse overtocht. Dat moest makkelijk klaar te maken zijn en eenvoudig op te dienen en het moest ook strikt koosjer zijn en vooral goedkoop. Koosjer vlees blijft gezouten lang goed. En gehakt vlees gaat langer mee. Tot balletjes gerold en daarna plat geslagen is het gauw in een pan gebraden en op brood gegeten.

Die maaltijd werd weldra zo populair bij de tussendekspassagiers van Hamburg naar Amerika dat het `Hamburger vlees‘ werd genoemd. Het eerste echte recept verscheen in 1889 in Aunt Babette’s Cook Book: `Hamburger vlees is gemaakt van een rond stuk vlees dat heel fijn gehakt is en gekruid met zout en peper. U kunt er een stukje ui in snipperen of het met een uitje braden.

Elk voorjaar vieren Joden Pesach, het paasfeest. Dan eten ze matses, ongezuurd brood, ter herinnering aan de Exodus, de uittocht van het Joodse volk uit Egypte: `Van het deeg dat ze uit Egypte hadden meegenomen, bakten ze ongedesemde broden. Doordat ze uit Egypte waren weggejaagd, was er geen tijd geweest om zuurdesem toe te voegen of voor andere proviand te zorgen.‘ (Exodus i2:39)

Bij de plechtigheid aan de eettafel heft iedereen zijn bord met matses op en zegt: `Dit is het brood der smarte dat onze voorouders aten in het land van Egypte. Laat ieder die honger heeft, komen en eten.

Een jaarlijks hamburgerfeest is er niet. Maar het passagiersmenu van de Hamburg-Amerika-Lijn is nu het hele jaar door wereldwijd verkrijgbaar, van Adelaide tot Anchorage en Asjchabad, van Tbilisi tot Moskou, van Beijing tot Berlijn en van Buenos Aires tot Bangkok. De eters zullen het niet weten, maar ze gedenken de uittocht van het Joodse volk uit Europa. Dit is het voedsel dat de overlevenden van de schipbreuk van de Joodse beschaving in leven heeft gehouden. Laat ieder die honger heeft, komen en eten.

Uit Jiddische wereld. Opkomst en ondergang van een vergeten volk van Paul Kriwaczek Uitgegeven bij Uitgeverij Atlas in 2007; 360 bladzijden ISBN 978 9045012476

Palestijnse kwestie: ‘Doos van Pandora’ voor Arabische landen in het M-O

Palestijnse 'Doos van Pandora'

Palestijnse 'Doos van Pandora'

De lauwe reactie van de Arabische landen op de voorbije door Hamas gedicteerde Palestijnse conflictsituatie in Gaza, spreekt de veronderstelling tegen dat de Palestijnse kwestie een Arabische prioriteit zou zijn en dat de Palestijnse kwestie de belangrijkste oorzaak is van de Arabische vijandigheid ten opzichte van het Westen, de Verenigde Staten en Israël. In feite is de Arabische houding tegenover de Palestijnse zaak onveranderd gebleven sinds 1948, doorheen de Israël-PLO-oorlog in Libanon van 1982 alsook tijdens de 1ste en 2de Intifada, en dat ongeacht wie er op dat ogenblik aan het Palestijnse roer stonden: Haj Amin al-Hoesseini, Shoekeiri, Hammoeda, Yasser Arafat, Aboe Mazen of Haniya.

Arabische landen hebben de Palestijnen altijd bedolven onder hun retoriek, maar zagen verder af van aanzienlijke steun. Tijdens het voorbije 22-dagen durende Gazaconflict van januari 2009, hebben de leiders van de Arabische landen een spoedbijeenkomst over Gaza verworpen. Zij hebben hun steun tot de deelname van hun Arabische ministers aan een spoedbijeenkomst van de Verenigde Naties vrijwillig ingeperkt. Saoedi-Arabië verwierp de suggestie om olie als wapen te gebruiken. Riad verbood pro-Palestijnse manifestaties en haar religieuze etablissement gaf een zeer gematigde verklaring uit omtrent de Palestijnse strijd. Om lippendienst te bewijzen aan de Gazanen, focusten de Samenwerkings Raad voor de Golf in haar bijeenkomst van 30 december 2008 eerder naar economische en monetaire maatregelen.

Palestijnen lossen vreugdeschoten wanneer zij over de aanslag op de WTC-torens (9/11) horen

Palestijnen lossen vreugdeschoten wanneer zij over de aanslag op de WTC-torens (9/11) horen

Een gelijkaardige situatie deed zich voor tijdens de Israëlische oorlog tegen de PLO in Libanon die uitbrak op 4 juni 1982. De Arabische olieproducerende landen kwamen in augustus 1982 samen om de olieprijs te bespreken, maar verwierpen het voorstel om olie als wapen te gebruiken in het voordeel van de PLO. De bijeenkomst van de Arabische leiders werd toen bewust verdaagd naar september. Intussen werd de PLO uit Beiroet verdreven.

Arabische leiders hebben systematisch aangetoond hoe secundair de Palestijnse kwestie is in verhouding tot hun eigen nationale prioriteiten. Arabische financiële steun aan de PLO bijvoorbeeld bedroeg minder dan 10 % van de Arabische financiële steun die ze aan de anti-Sovjet moslims gaven in Afghanistan. Toen in 1988 de 1ste Intifada uitbrak beloofden de Arabische Liga aan de Palestijnen 128 miloen euro directe steun en daarnaast gevolgd door een maandelijkse toezegging van 43 miljoen euro. In werkelijkheid werd de PLO alles samen ‘slechts’ 100 miljoen euro toegeschoven.

Peanuts dus in vergelijking met de 1 miljard euro die de Moehajedien in Afghanistan jaarlijks kregen van de Arabische Liga in hun strijd tegen de Sovjet-Unie (1978-1988). In 2002 tijdens de 2de Intifada beloofde Saoedi-Arabië andermaal 600 miljoen euro, maar tot nog toe werd daarvan enkel 100 miljoen euro overgeboekt. Andere Arabische landen engageerden zich tot een maandelijkse bijdrage van 55 miljoen euro, maar hebben – zoals verwacht – tot op heden geen enkele euro overgeschreven.

Recente voorvallen brachten de Arabieren ertoe om de Palestijnse kwestie als een potentiële duivelse, explosieve en subversieve ‘Doos van Pandora’ te beschouwen, die hun voortbestaan zou kunnen ondermijnen. Anderzijds verwijten de Palestijnen de Arabische leiders het “debâcle van 1948″ tijdens de Onafhankelijkheidsoorlog van Israël. In 1948/9, maakte de Arabische Liga aan iedereen duidelijk dat de oorlog tegen de Joodse staat niet gestart werd omwille van – of voor – de Palestijnen. De Liga verklaarde de toenmalige voorlopige Palestijnse regering nietig, terwijl ondertussen Egypte en Jordanië de Palestijnse leiders uit Gaza, Judea en Samaria verdreven. Eind jaren ‘ 50, en nog eens in 1966, werden Arafat, Aboe Mazen en hun collega’s van Al Fatah verwijderd uit Egypte en Syrië omwille van hun ondermijnende activiteiten. In 1970, kwamen ze gedecimeerd terug uit Jordanië, na een mislukte poging om het Hasjemitische regime te kelderen (‘Zwarte September‘).

Palestijnen in Libanon vieren de moord op 8 Joodse studenten in Jeruzalem, 6 maart 2006

Palestijnen in Libanon vieren de moord op 8 Joodse studenten in Jeruzalem, 6 maart 2006

In 1975/76, kregen ze er van langs door Syrië (in Libanon, ten gevolge van hun aanval op de centrale regering in Beiroet – ‘Zwarte Juni‘). Zij verloren in 1983 hun basis in Tripoli (Libanon) nadat zij het onderspit moesten delven tegen de dominante lokale milities. In 1987 werden tientallen Palestijnen door Egypte gedood, toen zij ten tijde van de 1ste Intifada demonstreerden in het vluchtelingenkamp van Rafah in Gaza in de Sinaïwoestijn. In 1991 werden ruim 300.000 Palestijnen verbannen uit Koeweit voor hun aandeel in de plundering van het land toen het Iraakse leger, geleid door de intussen terechtgestelde dictator Sadam Hoessein, de oliestaat bezette. Sinds 2003 moesten duizenden Palestijnen Irak ontvluchten vanwege hun collaboratie met het regime van de ‘Slager van Bagdad’. De Rode Loper, waarmee de Palestijnen werden binnengehaald in de Verenigde Naties en in de belangrijkste hoofdsteden van het Westen, veranderde in een glibberige roetsjbaan waardoor de Palestijnen op hun rug de hoofdsteden van de Arabische landen van het M-O binnen gleden.

Wat weten de Arabische leiders over de Palestijnen die tot nog toe ontsnapten aan de Westerse en Israëlische beleidsmakers?

Arabische leiders blijken zelf de Palestijnse zaak niet erg toegewijd te zijn. Zij beschouwen de Palestijnse kwestie niet als een eersterangs koppeling in de formulering van hun beleid. Nationale, regionale en mondiale factoren beïnvloeden de inter-Arabische, Arabisch-Westerse en de Arabisch-Israëlische betrekkingen veel meer dan de Palestijnse kwestie. Palestijnen beschikken ook niet over een vetorecht in de Arabische beleidsvorming.

Hamasleden demonstreren met gordels explosieven en Qassamraketten

Hamasleden demonstreren met gordels explosieven en Qassamraketten

Sinds de Oslo-akkoorden van 1993, heeft Israël haar nationale veiligheidsbeleid ondergeschikt gemaakt aan de oplossing van de Palestijnse kwestie en haar Israëlisch-Arabisch discours omgeschakeld naar een Israëlisch-Palestijns discours. Tientallen initiatieven, conferenties, topconferenties, overeenkomsten en wapenstilstandsverdragen – en bestanden, hebben een reeks van kortlevende illusies van vrede en veiligheid gecreëerd, die snel werden gebruikt om een ongekende golf van Palestijns haat-onderwijs in de scholen te introduceren, en enkel schending van eerder of net aangegane overeenkomsten uitlokten en enkel nog meer terrorisme hebben opgeleverd. In feite gaat de route kaart van de resolutie aangaande het Arabisch-Israëlisch conflict niet door Ramallah of Gaza, maar veeleer door Kaïro, Amman en andere Arabische hoofdsteden, zoals blijkt uit de Israëlische vredesverdragen met Egypte en Jordanië, die mede daardoor de Palestijnse oppositie en de doorlopende Israëlische oorlog tegen het Palestijnse terrorisme hebben gepareerd.

Een beleid dat gebaseerd wordt op de verkeerde veronderstelling – namelijk dat de Palestijnse kwestie het zogenaamde kroonjuweel van het Arabische beleid is – is een verkeerd beleid. Het verergert integendeel de regionale instabiliteit, voedt het terrorisme, bevordert tevens de oorlogszucht en vermindert de vooruitzichten voor de vrede. Israël moet haar beleid ten opzichte van de Palestijnen, baseren op de de Palestijnse reputatie van de afgelopen honderd jaar, en dan in het bijzonder die van de afgelopen vijftien jaar, die het Israëlische voorstel van land-voor-vrede als oplossing voor de Palestijnse kwestie, telkens hebben doen mislukken. De recente geschiedenis heeft aangetoond, dat Israël ‘s minimale nood aan beveiliging en haar behoefte om het Arabische terrorisme te minimaliseren, de noodzaak van Israël bevestigt de controle over Judea en Samaria te behouden en te verstevigen.

(Analyse van Yoram Ettinger, vrij vertaald en bewerkt door Brabosh; bron: Middle East and Terrorism Blog)

Paus Benedictus XVI rehabiliteert negationistische bisschop

ratzinger1Paus Benedictus XVI (alias van de Duitser Joseph Ratzinger) heeft zaterdag 24 jan. 2009 een bisschop gerehabiliteerd die beweert dat er in de Tweede Wereldoorlog geen Joden in gaskamers zijn vergast. De kerkvorst zette de rehabilitatie door ondanks waarschuwingen van Joodse leiders dat de stap de katholiek-Joodse banden ernstig zou schaden en antisemitisme zou aanwakkeren.

De banden tussen de katholieke en de Joodse gemeenschap staan al geruime tijd onder spanning door de mogelijke zaligverklaring van de omstreden paus Pius XII, alias van Eugenio Pacelli ook wel Hitlers Paus genoemd. Joodse organisaties verwijten Pius XII, die van 1939 tot 1958 paus was, dat hij de uitroeiing van Joden oogluikend toestond. Volgens Benedictus XII liet Pius juist geen gelegenheid voorbij gaan om Joden te redden. Dat een en ander niet strookt met de waarheid kan je onder meer lezen in het uitstekend gedocumenteerde boek van Dirk Verhofstadt: Pius XII en de vernietiging van de Joden. In oktober j.l. stelde Benedictus de zaligverklaring uit om de goede relatie met de Joodse gemeenschap niet te verstoren…

De in Engeland geboren bisschop Richard Williamson zei deze week voor de Zweedse televisie dat er „overweldigende” bewijzen zijn dat er nooit gaskamers hebben bestaan. Het Vaticaan liet weten dat de paus een bevel heeft ondertekend die de excommunicatie van vier bisschoppen, onder wie Williamson, ongedaan maakt. De vier werden in 1988 uit de Rooms-Katholieke Kerk gezet omdat ze waren gewijd zonder toestemming van het Vaticaan. Bron: NRC Handelsblad en De Volkskrant

Tijdens de holocaust lieten ongeveer zes miljoen joden het leven. In het meest bekende concentratiekamp, Auschwitz, werden alleen al circa 1,3 miljoen mensen vermoord, het merendeel in gaskamers. Bisschop Richard Williamson legt in deze video uit dat er geen gaskamers bestonden, er hooguit 300.000 Joden werden vermoord en zeker geen enkele Jood werd vergast. Hij haalt uitvoerig het Leuchter-rapport aan en meer van dattum.

Over het geval Leuchter en zijn Rapport

Documentaire: Mr. Death: The Rise and Fall of Fred A. Leuchter, Jr

Documentaire: Mr. Death: The Rise and Fall of Fred A. Leuchter, Jr

In 1988 moest een andere negationist Ernst Zündel zich andermaal voor de rechter verantwoorden. Om zijn verdediging te ondersteunen liet hij een zekere Fred A. Leuchter Jr. naar Auschwitz afreizen. Leuchter beweerde van zichzelf een ingenieur te zijn die deskundig was op het gebied van het bouwen van gaskamers voor gevangenissen; later bleek dat hij nogal had opgeschept over zijn opleiding en vakkennis. Zijn enige academische diploma was een kandidaatsexamen (Bachelor of Arts) in geschiedenis, dat hij in 1964 had behaald.

Voor zijn ‘onderzoek’, waarvoor hij door negationist David Irving 10 000 dollar werd betaald (!), dwaalde nep-ingenieur Fred Leuchter door de ruïnes van de KZ’s, bikte wat willekeurige stukjes steen af (waarvan hij niet kon weten of ze eigenlijk wel uit de oorspronkelijke binnenwand van gaskamers afkomstig waren) en publiceerde zijn onderzoeksresultaten in het beruchte Leuchterrapport.

Een ingehuurd laboratorium had in de steenmonsters geen sporen aangetroffen van cyanaten. De Duitsers hadden immers Zyklon B gebruikt, dat bestond uit poreuze korrels waaruit blauwzuurgas kon ontsnappen als ze werden uitgespreid. Volgens Leuchter zou het blauwzuurgas met ijzersporen in bakstenen en cement uiterst stabiele verbindingen hebben moeten vormen[?]

Volgens Zündel en de zijnen was dit het doorslaggevend bewijs dat de vergassingen een fabeltje waren. Meer deskundige chemici hebben de rechter echter kunnen uitleggen dat die cyanaten toch niet zo stabiel waren, en dat ruim veertig seizoenen Poolse sneeuw- en regenbuien de sporen sterk kunnen aantasten. Bovendien bleek bij onderzoek door competente chemici dat het materiaal van de gaskamers wel degelijk cyanaten bevatte. Lees ook Lipstadt’s voor Leuchtner vernietigende getuigenis op de rechtbank tijdens het Zündelproces.

Het is een treurig voorbeeld van de quasi-wetenschappelijke uitspattingen waar holocaustontkenners zich schuldig aan maken. Ze zijn erg bedreven in eindeloos gezeur over kleine inconsistenties in getuigenissen en technische beschrijvingen. Typisch voor negationisten is ook dat ze, om hun leugens en falsificaties te bewijzen, ook altijd naar elkaar verwijzen om hun conclusies kracht bij te zetten. Zo verwijzen ze graag naar die andere negationist David Irving die eveneens geen historicus is, en dat ook nooit is geweest.

David Irving
David Irving

David Irving (°1938), bekend van zijn oproep tot een boycot tegen al wie historici in de cel stopt, suggereerde hiermee dat hijzelf een historicus is, die het zwijgen moet worden opgelegd. Correctie: Irving is geen historicus. Nadat hij zijn diploma had behaald aan de school in Brentwood, studeerde Irving natuurkunde aan het Imperial College in Londen, maar slaagde er niet in het diploma te behalen.

De laaggeschoolde Irving is dan maar op eigen houtje wat geschiedenis beginnen leren en boeken publiceren. Iemand die over geschiedenis publiceert is daarom nog geen historicus, alhoewel Irving dat lange tijd aan iedereen heeft wijsgemaakt. Irving is een hardleerse negationist. Negationisten ontkennen de feiten en weerleggen ze nooit.

Tijdens het ruchtmakende Proces Lipstadt in 2000 gaf David Irving overigens toe dat het Leuchterrapport een misser was. David Irving verloor zijn proces tegen Lipstadt en werd op 11 april 2000 veroordeeld. De rechter was niet mals voor Irving: “…. dat Irving vanwege zijn eigen ideologische redenen voortdurend en doelbewust bewijsmateriaal verkeerd heeft gepresenteerd en heeft gemanipuleerd; dat hij om dezelfde redenen Hitler in een ongerechtvaardigd gunstig licht zet, hoofdzakelijk met betrekking tot zijn afbeelding van Hitlers houding ten aanzien van zijn verantwoordelijkheid voor de behandeling van de Joden; dat hij een actieve ontkenner van de holocaust is; dat hij antisemitisch is en een racist en dat hij zich met rechtse extremisten associeert die het neo-nazisme bevorderen.

Internationale Holocaust Herdenkingsdag 27 januari

KZ Auschwitz-Birkenau

KZ Auschwitz-Birkenau

Vandaag 27 januari 2009 was het precies 64 jaar geleden dat KZ Auschwitz-Birkenau werd bevrijd door het Rode Leger. Op 1 november 2005 werd door de Verenigde Naties (VN Resolutie 60/7) deze datum van 27 januari uitgeroepen als International Holocaust Remembrance Day. Na zestig jaar zwijgen over de Holocaust besloot de belangrijkste, en meest gekende internationale organisatie van de wereld, eindelijk om haar stem te laten horen. Beter laat dan nooit [sic].

In Israël wordt de Holocaust – meer correct Shoah of Judeocide – al veel langer herdacht. Op 12 april 1951 nam de Knesset (het Israëlische parlement) de Yom Hashoah wet aan (voluit: Yom Hashoah U’Mered HaGetaot, ned.: Holocaust en Getto Revolte Herdenkingsdag) die sindsdien elk jaar wordt herdacht volgens de Joodse kalender op de 27ste van de maand Nissan. Die naam werd later gewijzigd in Yom Hashoah Ve Hagevurah (Dag van de Verwoesting en het Heroïsme) en zelfs later opnieuw vereenvoudigd naar kortweg Yom Hashoah.

De Joodse kalender verschilt wel elk jaar ten opzichte van de internationale [christelijk geïnspireerde] kalender. Zo valt de 27ste Nissan dit jaar op dinsdag 21 april 2009 en herdenken de Joden in de wereld en in Israël op die dag niet enkel de Shoah maar terzelfdertijd ook de Opstand in het Getto van Warschau van 19 april 1943. Yom Hashoah verwijst aldus enerzijds naar de genocide op de Joden tijdens het Derde Rijk en daarnaast ook naar de ‘geboorte’ van Joods verzet en Joodse strijdbaarheid die uit die vernietiging oprees en vele Joden, die de slachting en vernietiging van het getto hadden overleefd. Dit verzet dreef hen naar Palestina om daar te helpen aan de oprichting van de Joodse onafhankelijke staat Israël, onafhankelijkheid die met ruim tweederde van de VN-leden 29 november 1947 werd goedgekeurd (VN-resolutie 181).

Nazi-dokter Mengele bouwde tweelingendorp in Brazilië

Candido Godoi, een dorp vol tweelingen...

Candido Godoi, een dorp vol tweelingen...

Historici hebben de oplossing gevonden van het mysterie rond een Braziliaans dorpje waar na de tweede wereldoorlog bijzonder veel tweelingen met blond haar en blauwe ogen zijn geboren. Volgens bewoners werd het dorpje regelmatig bezocht door een Duitse veearts, die niemand minder bleek te zijn dan: Dokter Josef Mengele. Dat meldt de Britse krant The Daily Telegraph (bron) op basis van het zopas verschenen boek Mengele: the Angel of Death in South America (‘Odessa al Sur’) van de Argentijnse historicus Jorge Camarasa.

odesDaarin schrijft Jorge Camarasa over de tijd dat de gevluchte nazi-arts in Zuid-Amerika woonde. Over deze periode is nog maar weinig bekend. Camarasa voerde vele gesprekken met de bewoners van Candido Godoi en langzamerhand kwam hij erachter dat Mengele, die zich voordeed als veearts, het dorpje regelmatig bezocht. Ook hield hij, als ‘gewaardeerd man’, zich steeds meer bezig met de behandeling van vrouwen. Zeer opmerkelijk aan het dorp, dat ongeveer 7.000 inwoners telt, is het aantal tweelingen dat toen geboren werd: een op de vijf, in plaats van het normale een op de tachtig. Mogelijk nog opmerkelijker is de kleur haar (blond) en de kleur ogen (blauw) van de tweelingen. Bron

Zwillinge! Zwillinge! (Tweelingen!)

Hij was jong en knap, en zijn in smetteloos witte handschoenen gestoken handen speelden vaak met een glimmende wandelstok of met een sigaret. Af en toe glimlachte hij of floot een van zijn bekende aria’s. Zodra de menigte was opgesplitst in mannen (rechts!) en vrouwen met hun kinderen (links!), wandelde hij op zijn gemak tussen de rijen gevangenen roepende: “Zwillinge, zwillinge!” (tweelingen!)

Zwilline! Zwillinge!Mengele reserveerde speciale barakken voor zijn tweelingobjecten, alsook voor dwergen en reuzen, kreupelen en andere “exotische specimen”. Die barakken kregen spoedig de bijnaam: de “Zoo”. Zij werden door Mengele beter behandeld dan de andere gevangenen. Ze mochten dikwijls hun originele kledij behouden, kregen extra voedselrantsoenen,mochten hun haren laten groeien en werden uitgesloten van de zware slavenarbeid. Uiteraard niet uit menslievendheid maar enkel met het doel om zijn experimenten voor de tijd dat het experiment duurde, hen zo lang mogelijk in leven te houden. Josef Mengele werd berucht door zijn medische experimenten op gezonde gevangenen maar vooral met tweelingen, ook “Mengele ‘s Kinderen” genoemd.

Hij wilde via de tweelingen erachter komen hoe erfelijkheid werkte, en of dat effect had op hoe een ziekte zich ontwikkeld. Dit deed hij bijvoorbeeld door een tweeling in te spuiten met een ziekte en de verschillen tussen beide gevallen te analyseren. Hij trok dagelijks bloed van zijn ´kinderen´, en verzond deze stalen door naar Prof. von Verschuer in Berlijn. Ook werd het bloed van de ene tweeling in de andere gespoten om te zien wat voor effect dit zou hebben. Zijn verbeelding om mensen te martelen kende geen grenzen. Zo heeft hij ooit eens een keer een tweeling aan mekaar vastgenaaid om zo zelf een siamese tweeling te maken.

De Jacht op Dr. Mengele

meng25Mengele kan nog doorgaan met zijn medische experimenten tot 5 december 1944 maar in januari rukken de Russen verder op richting Auschwitz. In tegenstelling tot zijn collega’s gedroeg Mengele zich niet als een onschuldig man. Hij was bang dat zijn werk in handen van de Russen zou vallen en onderneemt stappen om zijn werk te verdonkermanen. Hij laat zijn pathologisch lab ontmantelen en de crematoria en de gaskamers worden opgeblazen. Hij pakt zoveel mogelijk van zijn medische en persoonlijke papieren in en vernietigt de rest. Op 17 januari 1945, als de Russische artillerie in de verte al hoorbaar is, ontvlucht Mengele het gekkenhuis van Auschwitz.

In februari 1945 meldt prof. von Verschuer, de directeur, aan het bestuur van het Kaiser Wilhelm-Gesellschaft dat hij de inventaris van het instituut naar het Westen zal overbrengen. Alle belastende papieren, als rapporten, verslagen en briefwisseling met zijn assistent, dr. Mengele, worden vernietigd en kan hij zijn carrière verder zetten en doceerde aan de universiteit van Münster. Op 8 mei 1945 is de oorlog voorbij. De overlevende 15% van de patiënten in de Duitse psychiatrische inrichtingen hongeren de eerste tijd voort. De psychiaters en antropologen “haben nichts gewusst”. Velen duiken onder, bouwen, vaak elders, soms onder een valse naam, hun carrière weer op. Prof. Fischer wordt in 1953 erevoorzitter van de Duitse Vereniging voor Antropologie.

Mengele slaagt erin naar het westen te vluchten, maar voor hij in september 1945 bij zijn familie in Günburg aanbelandde, werd hij tot twee keer toe onder zijn eigen naam gearresteerd en opgesloten in gevangenenkampen, maar door de toenmalige chaos die er kort na de oorlog heerste in de administratie werd hij weer vrijgelaten. Hij neemt een andere naam aan en komt terecht in een boerderij in Rosenheim, in volle bezettingszone, waar hij drie jaar zal blijven wonen. Ondertussen werden 23 leidende dokters en fysici voor het beruchte ‘doktersproces’ op Tribunaal van Neurenberg gedaagd, en dat proces nam een aanvang op 9 december 1946 en op 20 augustus 1947 volgde de uitspraak waarop 7 dokters worden opgehangen. Op het proces wordt ook herhaaldelijk zijn naam genoemd en die gebeurtenissen maken hem zo van streek dat hij besluit om Duitsland te verlaten.

Met financiële hulp van zijn familie en organisatorische steun van oud-SS’rs kan hij met valse papieren ontkomen en scheept zich half juli 1948 in naar Argentinië (Zuid-Amerika) waar hij onder een valse naam onderduikt in de grote, machtige Duitse gemeenschap. Het regime van de toenmalige president Juan Perón was onverbloemd pro-nazi en had in de laatste dagen van de oorlog tienduizend blanco Argentijnse paspoorten ter beschikking gesteld aan het ineenstortende nazi-regime. Mengele legt belangrijke contacten met de ondergrondse nazi-beweging, ontmoet er ook enkele keren Adolf Eichmann, de organisator van de transporten naar de kampen, en raakt goed bevriend met kolonel Hans-Ulrich Rudel, Hitlers meest gedecoreerde piloot die ondertussen een sleutelfiguur was geworden in het ontsnappingsnetwerk van de nazi’s.

Josef Mengele, de «Engel des Doods» van Auschwitz, begint een nieuw bedrijf in de barrio alemán en verkoopt landbouwwerktuigen van het familiebedrijf in Günzburg in geheel Argentinië en Paraguay. Weldra wordt hij eigenaar van een timmerbedrijf en investeert vervolgens in de farmaceutische industrie. In 1948 of 1949 haalde Mengele zelfs zijn rijbewijs in Bariloche, en Mengele zou nog diverse keren naar Bariloche terugkeren, waar hij een graag geziene gast zou zijn op de estancia van de schatrijke ondernemer Ludwig Freude en zijn zoon Rodolfo, die de privé-secretaris was van het echtpaar Perón vanaf 1946.

meng011In 1956 keert Mengele even terug naar Europa voor een reis van een week naar Zwitserland om zijn zoon Rolf op te zoeken en ook om een Duitse echtgenote te vinden. Dat was zijn schoonzuster Martha, die in de oorlog weduwe was geworden van zijn jongere broer Karl jr. Hij gaat in de Alpen skiën met zijn zoon Rolf en de zoon van zijn aanstaande bruid Karl-Heinz. Mengele brengt nog een kort bezoek aan Günzburg in Duitsland en maar in München raakt hij betrokken in een verkeersongeval. De politie twijfelt aan de echtheid van zijn Zuid-Amerikaanse papieren maar zijn vader betaalt een flinke omkoopsom aan de politie en Mengele ontsnapt andermaal aan vervolging en keert veilig terug naar Buenos Aires.

Zijn zaken draaien goed en zijn zelfvertrouwen neemt weer toe. Hij neemt opnieuw zijn echte naam weer aan en verkrijgt zelfs een west-duits paspoort ondanks het feit dat hij wel tegelijkertijd op gemakkelijk tien lijsten van de meest gezochte oorlogsmisdadigers stond. In oktober 1956 laat hij Martha en haar zoon Karl-Heinz overkomen. Mengele voelt zich perfect veilig en in 1958 stond hij zelfs onder zijn echte naam in de Argentijnse telefoonboeken. Ondertussen was vanuit Israël de beruchte nazi-jager Simon Wiesenthal hem op het spoor gekomen. In augustus 1958 wordt hij door de federale politie van Buenos Aires gearresteerd op beschuldiging van het onbevoegd uitoefenen van de medische wetenschap. 500 dollars volstaan om hem vrij te kopen en de zaak in de doofpot te stoppen, maar Mengele is bang geworden dat zijn Auschwitz-verleden aan het licht zou komen en begint een nieuwe zaak in het Paraguay van Alfredo Stroessner.

Op 5 juni 1959 vaart een Duits Bundesgericht een arrestatiebevel uit en de Duitse opsporingsdiensten concentreren zich op Argentinië, maar de vogel was al gevlogen. Op 11 mei 1960 wordt Adolf Eichmann, de organisator van de Endlösung, door de Israëlische geheime dienst de Mossad gevat, overgebracht naar Israël en er berecht en zal wat later op 31 mei 1962 worden opgehangen. Door dit geruchtmakende proces geraakt ook de voortvluchtige Mengele in de belangstelling en raakt de pers in hem geïnteresseerd.

Simon WiesenthalIn februari 1960 wordt Mengele, die zijn familie even bezocht in Bariloche, herkend door een toen 48-jarige toeriste uit Israël, genaamd Nora Eldoc, die een overlevende van Auschwitz was en daar door Mengele persoonlijk zou zijn gesteriliseerd. Eldoc stuitte op Mengele tijdens een feest in een hotel. Enige seconden stond ze oog in oog met hem, waarna ze haastig het hotel verliet en de politie waarschuwde. Enkele dagen later, op 12 februari 1960, werd het lichaam van de vrouw gevonden in een grot in de bergen buiten Bariloche. De vinder was de Sloveense bergbeklimmer Vojko Arko, de vriend en biograaf van Berghof-bewoner Otto Meiling. Deze verklaarde tegenover Basti dat de dode vrouw zijns inziens «een agente van de Mossad» was. Van Mengele zelf ontbrak ieder spoor.

Ondertussen studeert zijn zoon Rolf Mengele (geboren 16 maart 1944 Günzburg) voor rechten en na een stage van drie jaar werd hij in 1972 advocaat. Al die jaren onderhoud Rolf met zijn vader regelmatige correspondentie, alhoewel hun relatie niet bijzonder hartelijk is en Rolf, als advocaat, in gewetensnood blijft zitten met de vraag of hij al dan niet zijn vader moet aangeven bij de gerechtelijke autoriteiten. Mengele was ondertussen naar São Paulo in Brazilië verhuisd en genoot er de bescherming van een Oostenrijkse familie. Op 12 oktober 1977 besluit Rolf dan toch om zijn vader op te zoeken in Brazilië en neemt het vliegtuig in Frankfurt. Rolf Mengele verblijft twee weken bij zijn vader maar omtrent zijn verleden in Auschwitz raken ze het niet eens.

meng31Op 7 februari 1979 krijgt Jozef Mengele tijdens een vakantie met Oostenrijkse vrienden een beroerte toen hij aan het zwemmen was in Bertioga ten zuiden van São Paulo. Hij wordt nog uit het water getrokken en krijgt mond-op-mond beademing maar alle hulp kwam te laat. Een van ‘s werelds meest gezochte nazi stierf op zevenenzestigjarige leeftijd. Zijn stoffelijk overschot werd onder een valse naam van één van zijn voormalige beschermers, nl. Wolfgang Gerhard, begraven op het kerkhof van ‘Onze Lieve Vrouwe van de Rozenkrans’ te Embu in Brazilië. Rolf Mengele trekt negen maanden later terug naar Brazilië om er de persoonlijke spullen van zijn vader op te halen. Omdat de dood van Jozef Mengele door de familie werd geheim gehouden ging de jacht op Mengele onverminderd door. Vooral tussen de jaren 1984 en 1986 haalt Mengele de internationale pers en werd zo ´n bekende persoonlijkheid dat hij zelfs op de omslag van People staat. Er worden beloningen uitgereikt voor informatie die tot zijn aanhouding zouden kunnen leiden, dood of levend, en die lopen op tot zo’n 3.5 miljoen dollar.

Op 6 juni 1985 worden eindelijk zijn beenderen gevonden op het kerkhof van Embu in Brazilië en zou het nog geruime tijd duren vooraleer pathologen tot de conclusie kwamen dat dit Jozef Mengele was. Op 7 juni 1986 werd het nieuws van de dood (en het einde van de speurtocht) van Jozef Mengele openbaar. Rolf Mengele besloot om in de openbaarheid te treden en overhandigde zijn vaders persoonlijke brieven en ook een dagboek aan het Münchener tijdschrift Bunte en gaf hen toestemming om een reeks artikelen te wijden aan Mengele.

Altijd problemen met de Joden (Always Trouble with the Jews)

Waarom laten de Joden zich niet gewoon doden zonder zich te verzetten? Want zeg nu zelf, zo is het toch altijd geweest?

1389.4 Holocaust C

In het algemeen vertoonde Oostenrijk veel sympathie voor de Joden, tenminste zolang we bleven spreken over dode Joden. Bijvoorbeeld tegenwoordig heeft praktisch niemand iets tegen Joden die werden vermoord in de concentratiekampen.

Het is wel wat anders als we het hebben over Joden die (nog altijd) in leven zijn. Het is waar dat de Oostenrijkse Kanselier de raketaanvallen van Hamas op Israël veroordeelde maar in één adem veroordeelde hij ook Israël ’s pogingen om zich krachtig te verzetten tegen deze daden van terrorisme.

Waarschijnlijk zal deze resolute op-de-ene hand/op-de-andere houding een volledige meerderheid achter zich hebben. Zo lang Israël zich staande houdt zonder enig teken van verzet te vertonen, in een situatie waarbij een groot deel van haar inwoners gedwongen worden te leven in schuilkelders om te vermijden dat ze slachtoffer worden van een Hamasraket, tolereren we dit gedrag. Als zij zich verzetten tegen deze aanvallen, plaatsen we ze op hetzelfde niveau als de terroristen van Hamas. Waarom laten de Joden die in Israël leven zich niet gewoon vermoorden, net zo geluidloos en beleefd zoals hun ouders en grootouders dat deden ten tijde van de Europese vernietigingskampen?

In contrast daarmee, en zoals kon worden verwacht, laten de Fransen meer traditioneel bewustzijn en continuïteit zien dan de koppige Joden. Terwijl de minister van Binnenlandse Zaken zowel Hamas als Israël berispte, in de beste Orwelliaanse traditie door het uitbannen van elk verschil tussen dader en slachtoffer, legde La Grande Nation een meesterlijke link naar de glorieuze tijd van het Vichy-regime, toen het trotse Frankrijk eveneens te maken kreeg met daden van Joodse straffeloze onbeschaamdheid en verzet.

Bij wijze van camouflage voor hun gedrag, hebben al diegenen die verwachtten dat Israël zo vriendelijk zou zijn geweest zich te laten bombarderen met raketten, zonder daar verder veel problemen om te maken, recent het argument van ‘disproportionaliteit’ van Israël ’s verzet aangekaart, met andere woorden het feit dat er duidelijk meer Palestijnen slachtoffer werden van Israël ’s verzet dan dat er Israëli ’s vielen onder de terreur van Hamas.

Het is een onbetwist feit dat de belangrijkste oorzaak hiervan is, dat Hamas haar raketinstallaties plaatste in scholen, bewaarscholen en hospitalen, precies om dit effect te bereiken. Waarbij wij ons het volgende moeten afvragen: waarom hebben de 1,5 miljoen Palestijnen in Gaza Hamas nooit tegen gehouden om raketten af te vuren vanuit hun scholen? Achteraf bekeken, kan men zich toch maar moeilijk indenken dat Hamas ook maar één dag in staat zou zijn gebleven om Israël te terroriseren in het aanschijn van verzet hier tegen door haar eigen bevolking?

Tot nog toe is er geen informatie beschikbaar over Hamas (door het volk met een meerderheid verkozen) die haar macht gebruikte om raketinstallaties te plaatsen temidden van de burgerbevolking. De kwestie van ‘proportionaliteit’ moet bijgevolg op een andere manier worden gesteld. Net zolang de Palestijnen tolereren dat Hamas raketten blijft afvuren op bewaarscholen in Israël vanuit hun midden, vanuit hun huizen en scholen, kunnen zij niet beschouwd worden als ‘onschuldige burgerslachtoffers’.

Het is niet het verzet van Israël dat buiten alle proporties is, maar de kritiek op dit verzet.

Artikel van Christian Ortre, journalist bij Die Presse (Oostenrijk), vertaald en bewerkt door Brabosh

11 april: Eeuwfeest Tel Aviv 1909 – 2009

officieel eeuwfeest logo

officieel eeuwfeest logo

Op 11 april 2009 wordt over heel Israël het eeuwfeest gevierd van de stichting van de Israëlische stad Tel Aviv (hebreeuws voor ‘lenteheuvel‘) aan de kust van de Middellandse Zee. De Tel Aviv Foundation, opgericht in 1977, organiseert de feestelijkheden onder het voorzitterschap van Ron Huldai, sinds 1998 burgemeester van de metropool.

Tel Aviv-Jaffa is al jaren het hypermoderne zakencentrum van Israël. De stad telt meer dan 350.000 inwoners en meer dan een miljoen burgers pendelen er dagelijks naar toe voor hun broodwinning. De stad geldt als hèt zaken- en cultuurcentrum van het land en staat representatief voor het huidige moderne Israël als symbool voor Joodse ondernemingszin, de kracht van Joodse waarden en geroemd om haar lange traditie van liberalisme, tolerantie en pluralisme.

In 1909 sloegen 66 Joodse gezinnen de handen in elkaar en trokken weg uit de overbevolkte wijken van Jaffa. Ze volgden de kustlijn enkele kilometers noordelijker van Jaffa om, op wat niet meer waren dan rotsen en duinen en wat kleine geïsoleerde Arabische dorpjes in de buurt, in het duinenzand een nieuwe sjtetl (=Joodse nederzetting) te bouwen. Enkelen waren hen voordien reeds voorgegaan zoals Neve Tzedek en Neve Shalom, maar het was toch dankzij de gezamenlijke krachtinspanning van deze 66 families èn met de hulp van het Joods Nationaal Fonds, dat uit zand en duinen hier één van de mooiste en modernste steden van Israël compleet uit het niets zal oprijzen.

Typische Bauhausstijl in Tel Aviv
Typische Bauhausstijl in Tel Aviv

Tijdens de Eerste Wereldoorlog werden de Joden uit de nieuwe nederzetting (en ook uit Jaffa) door Turkse bezetters en arabieren verdreven maar ze keerden na het einde van de vijandelijkheden weer terug naar hun sjtetl. Intussen hadden de Britten onder generaal Allenby de Ottomaanse bezetters, die het land 400 jaar lang hadden gekoloniseerd en bestuurd, verslagen en geannexeerd bij het Britse Rijk. Zij herdoopten het naar Brits Mandaatgebied Palestina. Het was de eerste keer dat de naam Palestina weer opdook sinds de val van het Romeinse Keizerrijk De bevolking groeide snel aan en in 1920 leefden er reeds 35.000 mensen, vooral dankzij immigranten van de Derde Alijah (1919-1923) en Joden die waren weggevlucht uit Jaffa wegens de toenemende conflicten met de Arabische bevolking. Op 11 mei 1921 verkreeg Tel Aviv stadsrechten en werd Meir Dizengoff (1861- 1936) haar eerste burgemeester. Dizengoff was burgemeester van de stad tussen 1921–1925 en een 2de maal tussen 1928–1936. Geen plaats in Israël die wel een straat of plein naar Dizengoff heeft genoemd.

De bevolking bleef snel aangroeien en bracht als gevolg van de nazivervolging in Europa de Vijfde Alijah (1929-1939) op gang waardoor duizenden Joodse vluchtelingen – al dan niet clandestien – naar het land van hun voorouders trokken waarvan velen naar Tel Aviv en Jaffa. De bevolking steeg alras van 46.000 inwoners in 1931 tot ruim 135.000 in 1935. De arabische revolte van 1936, getekend door hevige rellen tussen Joden en arabieren met vele doden en gewonden aan beide zijden, terwijl de Britse bezetter laatdunkend liet begaan[..], leidde ertoe dat Jaffa genoopt werd haar haven te sluiten en werd een nieuw havenfaciliteit gebouwd aan de oevers van Tel Aviv. De stad deinde intussen verder uit, gerenommeerde architecten zoals Le Corbusier, Mendelsohn en Mies van der Rohe plantten er indrukwekkende architectonische gebouwen en ganse wijken werden gebouwd in de Internationale Bauhaus stijl (afb. rechts). Sinds 2003 staat ‘de witte stad’ dan ook terecht op de werelderfgoedlijst van UNESCO.

De onafhankelijkheid van Israël wordt uitgeroepen
De onafhankelijkheid van Israël wordt uitgeroepen

Aan de vooravond van de onafhankelijkheid van Israël woonden er in 1947 210.000 mensen in Tel Aviv en daarnaast 30.000 Joden in Jaffa die toen zowat een derde deel van de bevolking uitmaakte. De VN-resolutie 181 van 29 november 1947 pleitte voor de opdeling van het Britse Mandaat in 2 afzonderlijke staten. 33 landen stemden voor, 10 landen onthielden zich, 13 landen stemden tegen met als belangrijkste: Afghanistan, Egypte, Iran, Irak, Libanon, Pakistan, Saoedi-Arabië, Syrië, Turkije en Jemen. Het gros van de arabische landen was niet akkoord en er braken over het ganse mandaatgebied bittere arabisch-Joodse onlusten uit.

Nadat leden van de ondergrondse Joodse verzetsgroepen Irgoen en Haganah (voorlopers van het huidige IDF) Jaffa omsingelden vluchtte op 13 mei ’48 bijna de ganse arabische bevolking weg uit Jaffa. De dag later, 14 mei 1948, werd in het huis van de eerste burgemeester van Tel Aviv, Meir Dizengoff, de historische onafhankelijkheidsverklaring van Israël voorgelezen. ‘s Anderendaags begon de regelrechte oorlog met de landen van de Arabische Liga die bijna een jaar lang zou aanslepen en die eindigde in een klinkende overwinning voor de kersverse soevereine Joodse staat. Na de Onafhankelijkheidsoorlog werd de oude havenstad Jaffa ingedeeld bij Tel Aviv. In 1950 werd Jeruzalem uitgeroepen als de nieuwe hoofdstad van Israël nadat Tel Aviv het eerste jaar na de onafhankelijkheid die rol had vervuld.

Skyline van Tel Aviv

Skyline van Tel Aviv